Op bepaalde punten in mijn leven kan ik heel afwachtend zijn. Waar ik bij vakanties en impulsaankopen behoorlijk ad hoc kan zijn, is dat vaak bij de Grote Kwesties Des Levens minder het geval. Zo stelde ik de stap om te verhuizen van mijn goedkope, maar intens kleine, appartementje in Amsterdam jarenlang uit. Maar ook studiekeuzes werden zo lang mogelijk uitgesteld, tot ik wel een keuze móest maken. En zelfs dan deed ik het soms nog niet, waardoor ik tijdens mijn studie Engelse Taal & Cultuur bij gebrek aan keuzes werd ingedeeld bij een minor Catalaans. Good times.
Maar bij misschien één van de allerbelangrijkste keuzes in je leven ben ik ook enorm afwachtend geweest: dat van kinderen krijgen. Ik ben in het verleden al redelijk vocaal geweest over mijn kinderwens — of beter gezegd: het gebrek daaraan. Maar een wijs mens is op alles voorbereid, en het is nooit een definitieve ‘nee’ geweest.
En toch heb ik er vooralsnog niet voor gekozen om mijn eicellen te laten invriezen.
‘Social freezing’ noemen ze het, en dat vind ik een opvallende naam — want het kan juist vaak een heel eenzaam proces zijn en allesbehalve ‘social’. De keuze wordt namelijk voor het grootste deel gemaakt door alleenstaande vrouwen, die hun eitjes willen laten invriezen nu ze nog een goede kwaliteit hebben. Zodat ze, wanneer ze een partner vinden (of een andere route kiezen, zoals die van een donor bijvoorbeeld), daar nog gebruik van kunnen maken.
Geen beslissing die je lichtjes maakt, en ook niet één die je (meestal) in samenspraak met anderen doen. Niets sociaals aan.
En wanneer je de knoop hebt doorgehakt om hiervoor te gaan, kan je rekenen op een bedrag tussen de € 3.000 en € 6.000 per poging, en vervolgens nog een paar honderd euro per jaar aan opslagkosten (en de kans dat één van deze eitjes resulteert in een succesvolle zwangerschap later, is ook nog eens teleurstellend klein). Niet gedekt door de verzekering, want het is ‘niet medisch noodzakelijk’.
Ik kan me voorstellen dat die kosten alleen al veel vrouwen ervan weerhouden, al is dat bij mij niet het geval. Nee, bij mij is het eigenlijk veel lakser: ik heb het leven maar op zijn beloop gelaten. Mijn natuurlijke aversie (of gewoon onvermogen) om grote beslissingen te maken, heeft dit altijd afgehouden. Noem het angst, noem het ontkenning; waarschijnlijk is het een combinatie van allebei.
Altijd heb ik namelijk het gevoel gehouden dat ik deze keuze nog wel voor me uit kon schuiven, ‘dat ik nog wel even heb’.
En dan ben je ineens 36, zonder partner, met eitjes die elke maand meer verschrompelen — en ineens ben ik me daar ontzettend bewust van.
De kans dat ik moeder zou worden achtte ik altijd al klein, en heb ik heel over nagedacht. Heel eerlijk: het krijgen van een kind is nooit een intrinsiek verlangen voor mij geweest. En toch voelt het gek om nu Moeder Natuur haar ding te laten doen, en dat hoofdstuk over een aantal jaar definitief te sluiten.
‘Moet ik het niet ook gewoon doen?’, bedenk ik me dan wel eens. ‘Je zou maar spijt krijgen later.’ Ik ben er nog niet helemaal over uit, maar ben me er inmiddels wel bewust van dat niets beslissen óók een keuze is.
Voor de vrouwen die wel voor dit traject hebben gekozen of gaan kiezen: ik denk aan jullie. Het omsluit zoveel meer dan alleen de puncties en de hormonen, maar gaat gepaard met zoveel onzekerheid eromheen. En nogmaals, daar is echt vrij weinig ‘sociaals’ aan.
Pre-order mijn boek ‘Dertigers, Dromen en Dilemma’s’

Dit en meer onderwerpen die mij als dertiger bezighouden komen voorbij in mijn aankomende boek, ‘Dertigers, Dromen en Dilemma’s’, dat op 7 mei 2026 zal verschijnen bij Kosmos Uitgevers. Pre-orderen doe je via deze link.











